PDD-NOS
PDD-NOS is de afkorting van: Pervasive Developmental Disorder-Not Otherwise Specified, in gewoon Nederlands: atypische pervasieve ontwikkelingsstoomis.
PDD-NOS is de restgroep van pervasieve ontwikkelingsstoornissen die niet voldoen aan de criteria van de stoornis van Asperger, de stoornis van Rett of desintergratiestoornis zoals vermeld in het handboek DSM.
Pervasief wil zeggen: diep doordringend. Het gaat dus om een stoornis die in de totale ontwikkeling doordringt.
De stoornis heeft dus gevolgen voor: sociale relaties, taal-denkontwikkeling, voorstellingsvermogen, ontwikkeling en motoriek, zelfbeeld, gevoelens, fantasie enz.,
De naam PDD geen diagnose is maar een aanduiding van een groep stoornissen waaronder bv PPD-NOS en MCDD vallen.
Er wordt ook wel gesproken van 'informatieverwerkingsstoornis' en 'schakelproblemen' om aan te geven dat bij kinderen met een PDDNOS de informatie die op hen afkomt, maar ook interne prikkels die bij hen opkomen, anders worden verwerkt.
In de moderne kinderpsychiatrie wordt PDD-NOS omschreven als: een kwalitatieve tekortkoming in de ontwikkeling van de sociale vaardigheden en van de communicatieve vaardigheden. Waarbij de problemen niet het gevolg mogen zijn van autisme of schizofrenie, twee psychiatrische beelden die deels uiterlijk dezelfde kenmerken hebben.
Dit is een erg ruime omschrijving en veel kinderen kunnen hieronder vallen.
Er wordt dan ook onderverdelingen gemaakt. Eén van die onderverdelingen is:
Actief maar onhandig: kinderen die zowel uit zichzelf maar ook als reactie op anderen het contact aangaan, maar dit op een vreemde of onhandige manier doen.
Teruggetrokken: kinderen die het contact niet uit zichzelf aangaan en ook niet ingaan op de uitnodiging van anderen.
Passief: kinderen die uit zichzelf het contact niet aangaan maar wel ingaan op de uitnodiging van anderen.
Alle mensen zijn in hun relatie tot hun intelligentie ergens op een lijn te plaatsen die loopt van enerzijds zwakbegaafd naar anderzijds hoogbegaafd. De intelligentie van de meeste mensen ligt rond het gemiddelde. Een soortgelijke lijn is te trekken voor het vermogen aan te voelen hoe je met informatie uit de omgeving en dus ook met sociale omstandigheden omgaat. Deze denkbeeldige lijn loopt dan van enerzijds autistisch (sociaal zwakbegaafd) via gemiddeld naar sociaal hoogbegaafd. Kinderen met een PDD-NOS zijn op deze lijn te plaatsen tussen autistisch en gemiddeld.
